BODEM

BOMEN

STRUIKEN

Planten kunnen water opzuigen uit de bodem dankzij onder andere de complexe werking van het grondwater en capillaire opstijging. Helaas kunnen bodems die uit grof zand bestaan, weinig van dit opstijgend vocht aanbieden. Zandgronden kunnen het grondwater 20-100 cm laten opstijgen, in kleigronden is dit 2 m of zelfs meer maar nooit meer dan 10m. Deze laag, de capilaire zone, kan samenvallen met de effectieve wortelzone. 
Het kan inderdaad dat bodems zelfs helemaal verzadigen zodat er geen enkele luchtporiën meer zijn. De kans bestaat ook dat het water zo diep zit, dat planten helemaal niet van de voordelen van dit bodemprofiel kunnen genieten. Dat is hetgeen je de laatste jaren meer frequent ziet gebeuren: historisch lage grondwaterstanden bij de start van het groeiseizoen. Dat betekent gelijk dat mogelijk ook de capillaire zone te laag zit. Kortweg: het is te droog – vanaf het voorjaar.

 

Laten we aannemen dat jouw tuingrond ideaal blijkt te zijn:  net boven de grondwaterlaag en de capilaire laag, vind je de funiculaire zone: een bodemlaag waar je zowel water als lucht vindt. Jouw tuingrond is in ideale omstandigheden rijk aan organisch materiaal en heeft een ideaal vochtvasthoudend vermogen. Bomen, struiken, vaste planten en zelfs jouw grasmat hebben nooit last van droogtestress.

Helaas…

In weinig ideale (en vaak realistische) omstandigheden rekent (hoopt) u dus op een maximaal vochtvasthoudend vermogen van hemelwater. Dit bereikt u door zelf compost of humusrijk materiaal door de grond te mengen en door het bodemprofiel te wijzigen. U zal dus in uw eigen tuin de oorspronkelijke gelaagdheid wijzigen door inbreng van vreemde materialen en dan wordt het hopen op regen. Dat is niet ideaal. Grond kent een rijke geschiedenis en op sommige plaatsen vind je op circa 1m70 diepte een schat aan vis-skeletten die u laten fantaseren over de Diestiaanzee. Onderstaand toont dat u helemaal niet zo diep hoeft te graven om uw bodem te verbeteren. 

 

De bodem: laag per laag

Buien worden inderdaad zwaarder en droogteperiodes langer.

 

De bodem: laag per laag

De bovenste 20cm

Bodemverbetering gazon

Afbeelding boven : de wortelzone van Engels Raaigras: gezaaid begin maart. A: 2 weken na zaaien; B: 4 weken na zaaien; C: 10 weken na zaaien; D: 61 weken na zaaien (14 maanden) (Kutschera en Lichtenegger, 1982) 

 

zandgrond:

  • Zandgrond: tracht deze te verbeteren met kleigrond. Dit kan bentoniet zijn. Bentoniet bindt nutriënten uit compost waardoor voedingsstoffen minder snel zullen uitspoelen naar het grondwater. Een combinatie van mest en bentoniet is dan ook een goede manier om de bodemvruchtbaarheid te verhogen.
  • Stikstof, forfor en kalium zijn de belangrijkste nutriënten om gras te laten groeien. Streef naar optimale toediening.
  • De bewortelingsdiepte van het gras beïnvloed de opname van nitraat: een diepere beworteling en verhoogde wortelintensiteit draagt bij tot een betere nutriëntenbenutting.
  • De wijze waarop u uw grasmat beheerd en gebruikt, beïnvloed de bewortelingsdiepte
  •  Op zandgrond combineert u bodemverbetering met aangepaste zaaimengsels. Diepwortelende rietzwenkgrassen genieten de voorkeur op zandgronden. 

kleigrond:

Copyright © 2020 MIJNEN HOF
top
Spring naar toolbar